OOR Noord- Oost-Nederland

  • Increase font size
  • Default font size
  • Decrease font size
E-mail Print

Instroom 2010

Het Bestuurlijk Overleg Lichtvoetige Structuur (BOLS) en het CBOG hebben VWS een instroomadvies 2010 aangeboden. VWS heeft het advies overgenomen. Het BOLS heeft dit per brief meedegeeld aan alle betrokkenen. Op basis van het advies heeft VWS verdeelplannen opgesteld per specialisme en per opleidingsziekenhuis of -instelling. 

Opleidingsschema's
Uiterlijk 31 oktober 2009 moet van alle aios die al in opleiding zijn (doorstroom) en van hen die in november of december 2009 starten, het opleidingsschema ingediend zijn bij de MSRC. Ook verzoeken tot wijziging moeten voor die datum ingediend zijn. Verzoeken van na die datum worden niet meegenomen in de subsidiebeschikking van 2010. 

Totstandkoming
Het landelijk aantal instroomplaatsen voor de eerste tranche zorgopleidingen is in 2010 gelijk aan het aantal in 2009, met uitzondering van Radiotherapie en Maag-darm-leverziekten. Die mogen respectievelijk twee en zes instroomplaatsen extra realiseren in 2010.

Bij de toewijzing van instroomplaatsen voor 2010 hebben CBOG en VWS rekening gehouden met regionale factoren. Het aantal beschikbare plaatsen wordt niet meer kortweg door de acht Opleidings- en OnderwijsRegio’s gedeeld maar verdeeld op basis van kwantitatieve factoren. Deze verdeelfactoren gelden voor de 26 eerste tranche medische vervolgopleidingen. Buiten deze kwantitatieve verdeling vallen de bèta-opleidingen; tandheelkundige vervolgopleidingen; opleiding tot SEH-arts; vervolgopleidingen tot klinisch psycholoog, gezondheidszorgpsycholoog of psychotherapeut en de opleiding tot psychiater.

OOR Noord en Oost en OOR Zuidwest Nederland grootste instroom
De verdeling van de instroomplaatsen is gebaseerd op de volgende kwantitatieve factoren: de zorgadherentie, het aantal zelfstandige vervolgopleidingen en het aantal geneeskundestudenten. Op basis van deze verdeelsleutel heeft de OOR N&O rond 15% (=146 plaatsen) van de landelijke instroom gekregen. Samen met de OOR Zuidwest Nederland heeft de OOR N&O de grootste instroom. Deze instroomverdeling geldt vooralsnog alleen voor 2010. Daarna hebben kwaliteitscriteria wellicht invloed op de verdeling van de instroomplaatsen.

Instroomadvies per instelling
Binnen de OOR N&O hebben de opleiders van een cluster afgesproken hoe de instroomplaatsen te verdelen. Criteria, opgesteld door het CBOG en VWS, voor het verdelingsadvies zijn:

  • nieuwe erkenningen hebben voorrang
  • continuïteit van de opleidingscapaciteit
  • meewegen van de opleidingsdichtheid, dat is de verhouding tussen het aantal opleiders en het aantal aios
  • bijzondere omstandigheden die aanleiding zijn tot een (tijdelijke) groei of krimp van de instroom